donderdag 30 juli 2009

Eppo 14: Vuurgevecht

Hij is er weer, de nieuwe Eppo. Nummer 14 alweer en om meerdere redenen een bijzonder nummer. Natuurlijk wordt in deze Eppo de nummer 1 van Stripbabe top 3 bekendgemaakt en zien we de boekenkast van Carry Brugman, maar bovenal is deze Eppo het debuut van Nederlands nieuwste avonturenstriptekenaar IJsbrand Oost. Een debuut dat uiteraard vergezeld gaat van een interview en een cover:










(Illustratie: Ijsbrand Oost, karikatuur: Mars Gremmen)
En verder de allerlaatste aflevering van Kleine Napoleon. Een aflevering waar ik overigens zelf geen letter aan geschreven heb. De Napoleongag in Eppo 14 is, in tegenstelling tot wat er in de titelbalk staat, geschreven door Rob van Bavel en Dick Heins. Op het hoe en wat daarvan en van het slot van Napoleon kom ik later nog terug. Eerst Bob, of liever gezegd, de avonturen van Jan en Arie op 26 en 27 van deze nieuwe Eppo. Een aflevering waarin het vuurgevecht tussen Jan en Arie enerzijds en Breitstein en zijn mannen anderszijds in volle hevigheid losbarst.

PAGINA 27a:

1. Jan staat op en wil proberen door de open strook zand het stenenveld te bereiken.
JAN: ik zal dichtbij ze zien te komen en jij blijft hier en dekt me.

2. Overshoulder van Breitstein die Jan over de strook open zand in de richting van het stenenveld ziet spurten. Er zijn kleine stofwolkjes te zien achter Jans voeten.
BREITSTEIN: !

3. Jan duikt bij Arie in de grot, terwijl achter hem het knallen van de stengun klinkt.
GELUID VAN DE STENGUN: Taktaktaktaktak! Taktaktaktaktak!
JAN: mislukt!

4. De kogels uit Breitsteins stengun ketsen af tegen de rotsblokken van de grot waarop het grote rotsblok leunt. Arie windt zich er over op. Jan heeft de kolf van zijn pistool met twee handen vast en richt.
GELUID VAN DE STENGUN: Tak-tak-tak-tak! Taktaktaktak!
ARIE: moeten we dat allemaal nemen?
JAN: grmpf!

5. Jan schiet en treft onbedoeld Platneus aan zijn dij. Platneus grijpt met een kreet naar zijn dij. Breitstein kijkt hem verrast aan.
GELUID VAN HET SCHOT: Pang!
PLATNEUS: woea!
BREISTEIN: ? ?


PAGINA 27b:

1. Arie en Jan grinniken om Jans toevalstreffer.
ARIE: da’s geluk hebben. op die afstand.
JAN: die boeven daar denken nu dat ze met eerste klas scherpschutters te doen hebben.

2. Breitstein en Platneus hebben dekking gezocht achter het grote platte rotsblok. Kaalmans staat zoekend om zich heen te kijken of hij de schuilplaats van Jan en Arie kan ontdekken. Breitstein gebaart hem dekking te zoeken. In de grotingang staat Zazou tegen de boeven te keffen.
BREITSTEIN (tegen Kaalmans): kom hier, sufferd. voor ze je onder schot nimmen!
ZAZOU: kef! kef! kefkefkef! wraf1 waf!

3. Platneus valt woedend uit tegen de keffende Zazou. Kaalmans neemt zijn stengun weer terug.
PLATNEUS: Koest! Hou je snuit, snertbeest!
ZAZOU: kefkef! woef! waf! kefkef! kef!

4. Close-up van een zwaar geïrriteerde Platneus met een keffende Zazou op de achtergrond.
ZAZOU: kefkefkef! wif! wif! wroef! waf! kefkefkefkefkefkef!
PLATNEUS: grrr!

5. Close-up van een verschrikte Arie en Jan.
GELUID VAN PLATNEUS SCHOT: Pang!
ARIE EN JAN: zazou!

Verschrikkelijk maar waar: Zazou wordt hier neergeschoten. En in het oorspronkelijke verhaal van Willy van der Heide is dat einde Zazou! Maar ik kon het niet over mijn hart verkrijgen om een klein hondje in beeld dood te schieten. Zazou werd dus in het scenario enkel gewond en vervolgens verbonden met het overhemd van Sparks. Hans heeft het hier nog iets verder afgezwakt. Er wordt alleen gedreigd, niet geschoten. Het beestje mankeert dus voorlopig helemaal niet.
Het probleem wat Hans hieronder aankaart, dat van de vele bijfiguren, doen we eigenlijk ook onszelf aan. Willy van der Heide komt op een heel eenvoudige manier van zijn overbodige bijfiguren af. Zazou dood, steward dood, Platneus dood. Maar ja, wij laten ze leven. Wat wil je dan? Dan moeten allemaal voortdurend getekend worden en ook nog straks allemaal mee die woestijn uit. Of blijft Platneus achter in de woestijn? Ben benieuwd hoe Hans deze wonderbaarlijke wederopstanding straks op gaat lossen. Maar zover zijn we nog lang niet.
Volgende week van alles over pagina 28. En o ja, pagina 27 wordt weer een collectors item, omdat de kreet "Woea!' in plaatje 7 in het album "Argh!" wordt. Drie keer 'Woea!' op één pagina is wel wat veel, vandaar.
Tot de volgende keer!

4 opmerkingen:

Otto zei

Ik snap ’t niet helemaal voor wat betreft de keuzes die gemaakt (moeten?) worden. Wat is er mis met het dood laten gaan van personages? Het is zo net een aflevering van het A-Team. Daar werd ook maar geknald maar niemand gedood. Dat gebeurt tegenwoordig niet meer op tv. Daar ben je als hoofdrol speler je leven niet meer veilig.
Nog iets wat ik niet snap. Het geworstel met pagina’s. Waar komt het onzalige idee vandaan om een stripverhaal in 48 pagina’s te proppen? Het mogen er ook meer zijn hoor. Een film wordt toch ook niet altijd in 90 minuten verteld en niet iedere wereldhit duurt 3:25. Je kunt zeggen dat ieder plaat geld kost om te maken maar als het verhaal er beter door wordt dan kan je daar tot ver voorbij je pensioen plezier van hebben. Wat als Peter Jackson The Lord of the Rings in 90 minuten had gepropt, dan was het een slechte film geworden. En Music van John Miles in 3 minuten?

Otto zei

Oja, nu wil ik weten wat er met Kleine Napoleon aan de hand was. Van mij mogen de pagina's van Plunk en Esther zo worden ingeruild voor het eerste volledige vehaal van Kleine Napoleon.

Anko zei

@Otto,wat Plunk aangaat, dat ben ik met je eens, maar Esther vind ik wel weer leuk.

Dit bewijst dat er over smaak niet te twisten valt, en dat wij maar in de (almachtige) wijsheid van de redactie moeten vertrouwen.

Ik vind het ook jammer, kleine Napoleon vind ik een leuk gagje (mooi woordverbasteringetje)

O ja, als de LOTR in 90 min. had gemoeten hadden we voor deel 11 nu nog een bioscoopje met kerst kunnen pakken;)

Frank Jonker zei

Ha Otto en Anko,

Dank voor jullie positieve woorden over Kleine Napoleon. Het hele verhaal over het hoe en wat van Kleine Napoleon staat inmiddels hierboven op de blog. En Otto, je haalt me zowat de woorden uit de mond, want ik heb een paar weken geleden inderdaad aan Rob en Dick voorgesteld om ook complete verhalen van Napoleon te maken. Maar dat is dus jammer genoeg niets geworden.

Met het laten doodgaan van personages in de Bob Evers strip heb ik eigenlijk niet zo'n probleem.
Maar ik weet dat Hans er meer moeite mee heeft, zoals je hieronder kunt lezen in Zelf-de-Bob-Evers-strip-tekenen 8: Meekijken!!! op 14.37 uur. Vandaar dat Zazou het in elk geval overleeft, want dat Hans een klein hondje laat doodgaan is absoluut uitgesloten. Met de boeven had ik geen medelijden, zodat Harry in het scenario van De strijd in het goudschip net zo dood was als in het boek van Willy van der Heide en idem voor Platneus in Een overval in de lucht. Maar Harry overleefde toch dankzij de hand van de tekenaar en Platneus wordt nu blijkbaar op dezelfde manier tot leven gewekt.

Tja, en wat de lengte van stripverhalen betreft, dat is schijnbaar een druktechnisch iets. Boeken worden met katern van 8 pagina's tegelijk gedrukt en om de een of andere reden zijn de meeste stripalbums daarom 48 pagina's dik. En daarvan heb je dan nog één titelpagina en één colofonpagina, zodat er maximaal 46 pagina's overblijven voor de strip.
Maar ik ben het helemaal met jullie eens dat je een verhaal moet kunnen vertellen in de tijd die daar echt voor nodig is.
En aangezien Willy van der Heide gaandeweg de Bob Eversserie steeds hechtere plots schrijft, waar je dus steeds minder van weg kunt laten, zou het best kunnen dat we voor bijvoorbeeld de Dollarjachttrilogie aan 46 pagina's al niet meer genoeg hebben.
Als dat echt zo blijkt te zijn, ga ik zeker met Hans en onze uitgever overleggen of we toch niet wat meer pagina's en wat dikkere albums kunnen maken. Ik hou jullie op de hoogte.

Hartelijke groeten,

Frank