zondag 13 januari 2008

Het prille begin...

Hallo, allemaal! Allereerst natuurlijk ook namens mij de allerbeste wensen en heel gelukkig 2008 voor jullie allemaal.
Mijn veel te korte vakantie zit er intussen alweer een week op en zoals Hans al had beloofd zou ik hier iets gaan vertellen over de voorgeschiedenis van ons nieuwe album.
Maar het lijkt me beter om eerst eens te beginnen met de geschiedenis van de Bob Evers strip zelf.
Sommige lezers vragen zich namelijk af waarom Bob in ons allereerste stripalbum “Kabaal om een varkensleren koffer” helemaal niet mee speelt. En de echte kenners, die ook de Bob Evers boeken van Willy van der Heide hebben gelezen, willen graag weten waarom we de stripserie met het twaalfde(!) Bob Evers verhaal zijn begonnen en niet met het eerste.

Wel, dat zit zo. Halverwege 2003 vroeg Hans me of ik niet de scenario’s voor de Bob Evers strip wilde schrijven. Maar voor ik daaraan mocht beginnen, moest ik eerst een afspraak maken bij onze agent Comic House, waar toentertijd nog nooit iemand van me gehoord had.
Eenmaal daar aangekomen werd ik streng aangekeken en kreeg ik een boekje in mijn handen gedrukt met de mededeling: “Zo, jongen, maak jij daar maar eens een stripscenario van!”
Het boek in kwestie was: “Kabaal om een varkensleren koffer”.

Afijn, ik in de trein naar huis en al meteen begonnen met lezen. Bij bepaalde scènes zag ik al meteen voor me hoe dat er in strip uit moest zien. Alleen kon ik de hoofdfiguur Bob Evers nergens vinden.
Wat bleek? Bob zat lekker thuis in Amerika, terwijl Jan en Arie op avontuur gingen. Een grapje dat Willy van der Heide wel vaker uithaalde in zijn Bob Evers verhalen.
Bob moest ik in Amerika laten, dus dan maar aan de slag met Jan en Arie die kriskras heel Nederland doorreisden.
Na een kleine maand was het scenario af, althans in de eerste versie. Want daarna had Hans natuurlijk ook nog wat wensen, die ik toen weer in de tweede versie verwerkt heb.
Uiteindelijk was iedereen tevreden, kon Hans beginnen met tekenen en een paar maanden later verscheen het verhaal al in de krant.



Het eerste album was dus als het ware een soort examen voor me. Pas daarna mocht ik zelf bepalen welke verhalen van Bob we zouden gaan verstrippen en toen leek het me toch wel handig om gewoon bij het begin te beginnen.
Album 2 werd dus “Avonturen een Stille Zuidzee”, het verhaal waarin Bob, Jan en Arie elkaar voor het eerst ontmoeten. Maar daarover volgende keer meer…

zaterdag 12 januari 2008

Het Brusselse wafelijzer

Onze Bob Eversstrip is qua vormtaal stevig geworteld in de Franco-Belgische striptraditie: Altijd ongeveer tien plaatjes per pagina, altijd keurige witstrookjes als kaderscheiding rond de altijd rechthoekige kaders en voor elke pagina altijd weer dat strenge eh . . . "Brusselse wafelijzer" layout-patroon. Het wafelijzer verordonneert telkens vier evengrote "strips", met elk twee á drie plaatjes, per pagina. Uitzonderingen uitgezonderd.

Ik heb bij het opstarten van onze Bob Evers-stripserie heel lang geaarzeld over dit pagina-vorm-dogma.

Er bestaan namelijk heel erg veel, heel erg mooie strips die op beeldschone wijze gebruik maken van enige of totale layout-vrijheid bij de pagina-indeling. Amerikaans comics. Moderne Franse stripromans. Schots en scheve kaders bij vechtscènes! Een hele serie filmische miniplaatjes bij geladen, non-verbale handelingen! Paginavullende panorama's met zwartgekaderde inzetjes! Aflopende, weggefade of zelfs lettervormige kaders . . . FAN-TAS-TISCH vind ik dat! Ik geef het hier toe, beste bloglezer. . . als het aan mij alleen had gelegen was jullie Bob Evers-strip, qua pagina-indeling, er een héél stuk wilder aan toe geweest!!!

Maarja, toen begon iedereen opeens over leesbaarheid: "Zo'n drukke layout schrikt natuurlijk wel de onervaren striplezer af, Hans. Een strippagina is niet bedoeld om aan de muur te hangen, we vertellen hier toch allereerst een v e r h a a l, Hans. En die horizontale witte lijnen op de pagina werken toch ook wel weer zo lekker mee met de westerse leesrichting, Hans".

Jajajajajaja, en ze hadden ook wel een beeeeeetje gelijk. Zelfs ik moet toegeven dat het voor de lezer soms wel even puzzelen is op zo'n prachtig vormgegeven, cinematografisch strip-hoogstandje. Waar moet je beginnen? Waar is het volgende plaatje? Hoe gaat het verhaal nou precies verder? Zucht.

Op deze pagina lekker wat dubbelhoge kadertjes ingesmokkeld! Om de eh . . . kuildiepte te benadrukken, zal ik maar zeggen. Hier de nieuwe pagina:

PAGINA 4a:

1. Jack komt vanuit de struiken te voorschijn en loopt mopperend naar Hennessey toe. Hennessey kijkt hem geschrokken aan Tussen het struikgewas en de plaats waar Hennessey zit is een kleine zandvlakte. Bob kijkt van bovenaf toe.
BOB: Aha! Jack!
JACK: Sapristi nog an toe, Hennessey. Aan deze toestand moet een einde komen. Zijn die kerels nou helemaal van lotje getikt om ons als voetvegen te gebruiken. We…

2. Hennessey en Jack zitten naast elkaar bij het vuur. Hennessey waarschuwt Jack stil te zijn. Jack raast opgewonden verder.
HENNESSEY: Sssst! Als dat geraas en getier helpt ons geen steek verder. Dan peperen ze je het morgen weer in, door je nóg vuilere karweitjes op te laten knappen.
JACK: Ik vertik het! Schoonmaken en werkvrouw spelen voor die boeven, dat wordt me te gortig.

3. Close-2-shot van Hennessey en Jack, die plotseling de stem van Bob horen.
BOB (buiten beeld): Dat hoeft van nu af aan ook niet meer!
HENNESSEY EN JACK: ? ?

4. Overshoulder van Hennessey en Jack die tot hun stomme verbazing het hoofd Bob uit het struikgewas schuin boven hen zien komen.
BOB: Goedenavond. Is de koffie al bruin?



PAGINA 4b:

1. Bob springt naar beneden en belandt op de zandvlakte voor de voeten van Jack en Hennessey.
JACK: Wa…wa… Waar kom jij vandaan?
BOB: Ik zal alles later wel vertellen. Geef gauw antwoord: waar zitten die drie muiters?

2. Hennessey en Jack leggen hun situatie uit aan Bob.
JACK: Op het jacht.
HENNESSEY: Het ligt hier een paar honderd meter vandaan voor anker. Aan de zuidkant. Daar is een flauwe bocht in de kust.

3. Close-2-shot van Bob en Jack.
BOB: Prima. En waar is Joe? Gijzelaar en bij hen gevangen?
JACK: Geen kwestie van. Die ligt al een paar dagen koortsig in de hut. We hebben geen medicijnen.

4. Joe komt steunend op Hennesseys schouder uit de hut en begroet Bob.
JOE: Hello, Sonny. Glad to see you. Heb je wapens bij je?
BOB: Reken maar!

Groter? Klikken!

woensdag 9 januari 2008

Lijn

Waarom toch, in dit tijdperk, bij het tekenen van strips, nog steeds zo knoeien met een dun en onhandig aquarelkwastje en een potje Oostindische prut? Kwastjes die je om de paar lijnen opnieuw in zo'n "omvalbare" pot moet dopen en om de paar minuten uitspoelen. Zijn er dan tegenwoordig geen winkels vol van prachtige viltstiftjes, navulbare tekenpennetjes of kekke computerprogramma's ter beschikking? Comfortabeler, veel sneller en qua resultaat ook meteen meer eh . . . mainstream! Waarom rommelt uw BE-tekenaar tot de dag van vandaag nog steeds zo archaïsch met die victoriaanse kwast?
Ik zal het jullie vertellen

LIJN.
Kleurvlakken, licht, overgangen, dát zie ik als ik om me heen kijk. En die kleurvlakken die ik zie, worden bijna nooit begrensd door l i j n e n. Zo'n zwart streepje overal omheen? Ik zie het niet. "De lijn" is een uitvinding van de tekenende mens. Daar codeert en suggereert de tekenaar de virtuele wereld mee. Beweging, kleurafscheiding, puntenverbinder.
Elke tekening is zo bezien eigenlijk abstract. Hoe fotografisch een tekening ook kan zijn, in de werkelijkheid zie je die malle, zwarte streepjes niet. De tekening suggereert. Een tekening is een serie afspraken. "Hier houdt die kleur op en begint die kleur". Uit die krioelende massa lijntjes stelt de kijker zelf de fantasie-wereld van de tekenaar opnieuw samen. In z'n hoofd.

Lijn is het instrument van de tekenaar. De klank van het instrument misschien zelfs. En "lijn" is de c o r e - b u s i n e s s van deze strip. Daar moet ik het allemaal mee doen.

En ik krijg het gewoon niet voor elkaar met stiftjes en tekenpennetjes om m'n lijnen zo lekker spoelvormig, soepeltjes dun-dik, op dat spekgladde papier te krijgen. Ik kom dan toch altijd weer uit bij die onhandige dunne stokjes met echte Russische marterstaarthaartjes . . .

Heerlijk toch zo'n blog! Doorzeuren over je stokpaardjes terwijl niemand je tegenspreekt. Hier snel de nieuwe BE-pagina:
Klik 'm groot.

dinsdag 8 januari 2008

Zig zag vertellen

Frank is terug in het land. Ik maak me sterk dat jullie een dezer dagen iets BE-achtigs van hem gaan horen op deze blog. Blijf langskomen!

Verder met onze strip:

PAGINA 3a:

1. Jan steekt zijn neus in de wind. Bob reageert laconiek op wat hij zegt.
JAN: Nee, ik ruik het ook. Houtvuur! Snap je nou dat we geen vuurgloed zien.
BOB: Het kan een smeulend vuur zijn.

2. Bob deelt bevelen uit aan de andere twee.
BOB: We zijn er niet meer zover vandaan. Arie en ik gaan op zoek. Jij houdt hier de wacht, Jan. Zolang je niks hoort, is alles goed. Als je hoort schieten, zie je maar wat je doet.
JAN: Okido!

3. Jan blijft achter, leunend tegen een palmboom met zijn geweer in zijn hand. Op de achtergrond de silhouetten van Arie en Bob, die verder sluipen. Arie loopt voorop. Geen tekst.

4. Bob en Arie sluipen verder landinwaarts, tussen bomen en struiken door. De bodem loopt langzaam omhoog. Bob pakt Arie bij zijn elleboog.
BOB: We moeten nu toch in de buurt zijn, man. Kijk eens goed. Zie jij nergens iets?

5 Close-up van Bob en Arie die schrikken van een metaalachtig geluid.
GELUID: KLANG!
ARIE EN BOB: !!


PAGINA 3b:

1 Bob sluipt op handen en voeten met een boog links, Arie sluipt rechtsom het struikgewas in, in een omsingelende beweging.
BOB: ze zitten ergens vlak voor ons. ik snap alleen niet waarom we hen niet zien. ga jij in een boog rechts, dan ga ik links. op handen en voeten.
ARIE: okay!

2 Bob sluipt op handen en voeten verder om een dichte groep struiken rond een boomstam heen. Geen tekst.

3 Overshoulder van Bob tussen het struikgewas, die plotseling een diepe inzinking in de grond ziet. Een klein dal met een vrij steile wand aan Bobs kant. Tegen de wand is een primitieve hut gebouwd: een soort afdak van palen, boomstammetjes en takken met zijwanden van gras. Voor de hut, onder een driepoot van takken, brandt een helder vuur. Aan een snoer van gevlochten ijzerdraad hangt een grote ketel met stukken vlees erin. Bij het vuur zit Hennessey met opgetrokken knieën en zijn armen om zijn knieën geslagen. Bob herkent hem meteen.
BOB: hennessey!

4. Close-up van Bob die de geur van soep opsnuift.
BOB: hij is soep aan het koken. maar waar zijn jack en joe? en de muiters?


Merkwaardig trouwens dat ze Jan hier even achterlaten. Welke wacht moet ie dan houden? Een soort rugdekking? Toch nog es aan Frank vragen.

Hier doe ik precies hetzelfde als op de vorige pagina. Weer dezelfde techniek. Ik laat ze globaal dezelfde kant oplopen in achtereenvolgende plaatjes tot het "kantelmoment". Daar doe ik een close-up en vervolgens gaat de beweging globaal de andere kant op. Zig zag, van prikkel naar prikkel, door de tropennacht. De close-up kan nu wel wat intenser, voor de totaal-opbouw.

Als Bob komt aansluipen neem ik een voorschot op een soort "overshouldershot". Dat ie de gloed alvast ziet. Beneden aan de pagina krijgen we dan een "establishing" shot met Hennessy in z'n armoedige bedoeninkje, gevolgd door Bob's reaktie-close-up.

Ik heb dit bij elkaar geschetst op bovenstaand scenario:



Klik erop en je ziet de plaat in het groot.

vrijdag 4 januari 2008

De kwast erop

Hallo Bloglezers! Alles goed? Dank trouwens voor alle reakties op deze site, die ik (voornamelijk via de e-mail) van jullie kreeg! Via deze weg dan maar, iedereen heel erg bedankt voor jullie aardige woorden! Wordt erg gewaardeerd!

Nu verder weer met de BE-story! De geboorte van ons pracht-album! Júllie album ook! Het verhaal van de lange weg naar de top! Van vóórdat we zo rijk werden! Toen Frank en ik nog zulke eenvoudige gozers waren!

Ahum . . .

Ingescand en uitgeprint op 142%, met schuiven en veranderen overgetrokken op het dikke en gladde Schoellerhammer papier . . . kunnen we voor BE-4 pagina 2 nu aan i n k t gaan denken.

Trouwens. Als ik door onze voorafgaande BE-stripalbums blader, maak ik mezelf wijs dat ik, per deel, de tekenstijl zich een beetje zie ontwikkelen. Zien jullie dat ook? Niet van schrikken! Het gaat om kleine dingetjes, hoor. Geheel buiten mijn wil blijken die jongetjes een beetje "in m'n vingers" te zijn gaan zitten. De "klare lijn" wordt wat "vetter". Er komt meer zwart. Het wordt wat minder "cartoony". Meer detail ook.

Ik vind het goed. Zoiets gebeurt nou eenmaal helemaal vanzelf. En je ziet dat soort minime "stijlontwikkelingen" altijd pas na afloop. Nú dan, vanaf dit album, zou alles, qua tekenen, een deeltje of vijftien min of meer constant moeten gaan blijven. Ben zelf het meest benieuwd. Hou het in de gaten, vrienden.

Okee, inkt. Dit heb ik van pagina twee gemaakt:


Groter? Klikken!

donderdag 3 januari 2008

Onze jongens gaan aan land

Een nieuw jaar, een nieuwe pagina. Onderstaande is Frank's scenario voor pagina twee.

PAGINA 2a:

1. Arie reageert gelaten op de discussie. Bob bindt een bundeltje (een pistool en een zaklantaarn, dik ingesmeerd met vet en gewikkeld in een lap die met vet en touw waterdicht is gemaakt) bovenop zijn kruin. Hij laat zijn benen voorzichtig in het water glijden.
ARIE: Of de L van Louw Loenen. Wat maakt het uit?
BOB: Mijn bundeltje. Ik ga het koele water in.

2. Bob zwemt naar het eiland, zijn hoofd zoveel mogelijk boven water houdend. Op de achtergrond de sloep met Jan en Arie.
BOB: Let goed op mijn lichtsignalen.
JAN EN ARIE: Good luck!

3. Bob komt voorzichtig uit het water het strand op gelopen. Het eiland lijkt volkomen verlaten. Geen vuur, geen licht.
BOB: Daar gaat ie dan. Good luck, Bobbie.

4. Overshoulder van Arie en Jan, die Bob vanuit zijn schuilplaats onder de struiken zien flitsen met zijn zaklantaarn.
ARIE: Het sein van Bob!
JAN: Alles is veilig. Aan de riemen!

5. Bob staat tussen de bomen en kijkt naar de naderende sloep. Hij flitst nog een keer met zijn zaklantaarn.
BOB: Daar komen ze! Hierheen, jongens.


PAGINA 2b:

1. De sloep legt aan op het strand en Arie en Jan springen het strand op, richting Bob.
JAN: Zonder verliezen aan land gekomen.
ARIE (tegen Bob): Heb jij de vijand ontdekt?
BOB: Niets te zien.

2. Close-2-shot van Bob en Arie. Arie steekt zijn neus in de lucht en snuift.
ARIE: Hmm…Snuf! Snuf!
BOB: Verkouden?

3. Arie maakt de andere twee op iets attent.
ARIE: Ik ruik houtrook. Er brandt ergens een vuur.

4. Bob en Jan turen het strand af. Arie kijkt hen sarcastisch aan. Een lichte schijn aan de horizon geeft aan waar de maan op zal komen.
JAN: Ik zie zelfs geen vonkje.
ARIE: Hoeft ook niet. Het hoeft geen vreugdevuur te zijn van acht bij tien meter. Maar er brandt geheid ergens een vuur. Aan de bovenwindse kant, natuurlijk.

5. De drie jongens lopen langs de bosrand, tegen de bries in (rechts het strand, links het bos) Arie loopt voorop. De drie jongens hebben geweren in hun hand en pistolen aan hun broekriemen.
ARIE: Waar rook is, zijn muiters. En waar muiters zijn, moeten wij ook wezen. Op naar de rook!
BOB: Ik hoop, dat je neus je niet bedriegt.


Wel wel. Ik moet ze dus die boot uittekenen en aan land laten gaan. Op een of andere manier geen plaats om uit te pakken nog hier. Met een forse overzichtsplaat verlies je misschien zelfs de intimiteit van die stiekeme landing.

En waar zit hier m'n aktie en waar m'n emotie in het akteren? Waar plaats ik, als regisseur van deze papieren acteurtjes, op deze pagina m'n accenten?

Dat moment als Bob alleen in het koude water ligt, da's misschien wel een even een momentje van bezinning. "Good luck, Bobbie". Daar beseft hij wel even dat het er nú op aan komt. Even daar een close-upje misschien? Contact maken met de kijker?

En als Arie wat ruikt. Dat is ook een belangrijk moment. Dat is eigenlijk het draaipunt van deze pagina. Daar gebeurt iets onverwachts. Daar, op dat moment, dan ook maar even closer met de "camera". T o t dat punt laat ik de handeling dan globaal naar "rechts in het plaatje" bewegen, v a n a f dat ruikmoment gaan ze dan globaal naar links gaan handelen. Om dat "draaipunt" in het verhaal te benadrukken.

Aan de slag daarmee. Lekker schetsen. Dit is de layoutschets voor pagina 2:




Erop klikken vergroot de plaat.

dinsdag 1 januari 2008

(geen) Inkleuring

Heerlijke jaarwissel gehad. Vrienden te logeren. De hele avond Amerikaanse animatie DVD's gedraaid. Iedereen was kapot om half vier, behalve ik. Ik werd steeds wakkerder van die films.

Hier, in deze post, wilde ik nu de ingekleurde pagina doen. De eerste BE-goudschip albumpagina in full color. Scenario-layoutschets-inkt-inkleuring. De hele "making of . . . " produktie-riedel compleet. De core business van deze blog. Klik erop en je ziet 'm in het groot.

Helaas. Wilma Leenders -de beste inkleurder van Nederland, had ik dat al gezegd?- is er nog mee in de weer. De eerste set van 24 pagina's ligt nu sinds een paar weken bij Wilma en ik heb nog niks terug. Goed inkleuren kost immers gewoon t i j d. Netzoals goed tekenen t i j d kost. Misschien moet ik over dat "goede tekenen" , als zure, ouwe lul, ook es m'n hart luchten op deze plek -ik heb daarover wel m'n gedachten, als ik het Nederlandse striplandschap om me heen bekijk- , maar dat is misschien eh . . . leuk voor later.

Die inkleuring houden jullie van me tegoed. Doe ik nu even een tussendoortje. Een plaatje uit het nieuwe album:

Klik, dan groot. En iedereen nogmaals de beste wensen!